Tandheelkundige kennis: weefselregeneratie in de parodontologie
Het door de parodontitis verloren gegane bot groeit zonder ondersteunende maatregelen niet terug
Na een uitgevoerde initiële behandeling heerst er weliswaar weer een ontstekingsvrije omgeving, maar de door de parodontitis ontstane diepe tandvleespockets kunnen nog steeds aanwezig zijn. Het lichaam begint met zijn eigen "reparaties", er ontstaat littekenweefsel en een zogenoemd lang aanhechtingsepitheel.
Het door de ontsteking verloren gegane bot groeit zonder ondersteunende maatregelen niet terug. Wordt de beschadiging van het tandvleesweefsel (parodontium) alleen maar "gerepareerd", dan komt er geen verbinding van tand en bot door het ligament tot stand; de bevestiging vindt in plaats daarvan plaats door bindweefsel dat de tand slechts omgeeft. Zonder de functie van de vaste verbinding tussen tand en kaakbot is de functionaliteit van het tandvleesweefsel niet gegeven. Bovendien vormt zich door het aanhechtingsepitheel een "glijbaan" voor nieuwe bacteriën, die de tandvleespocket opnieuw kunnen bevolken.
Is het tandvleesweefsel door een parodontitis afgebroken, dan kan dit, afhankelijk van de mate van afbraak, door regeneratieve maatregelen gedeeltelijk weer worden opgebouwd. In veel gevallen is een aanvullende behandeling noodzakelijk om het lichaam de nodige ondersteuning bij de heropbouw van het tandvleesweefsel te geven. Idealiter zou het nieuwe, weer opgebouwde tandvleesweefsel zowel in vorm als in functie dezelfde eigenschappen moeten bezitten als het oorspronkelijke.
Voor de regeneratieve behandeling van uitgesproken parodontale defecten bieden zich verschillende methoden aan. Er zijn maar weinig weefsels die na een defect in staat zijn zich zonder littekenvorming of functieverlies te regenereren (te herstellen). Ook de weefsels van het tandvleesweefsel kunnen zich zonder hulp slechts spaarzaam herstellen, waardoor het noodzakelijk is het lichaam voor het regeneratieproces passende ondersteuning te bieden.
Kort beantwoord